Opinion in the Standaard: Te veel minderjarigen op de vlucht verdwijnen van de radar

Dat een 9 jarige niet-begeleide minderjarige vreemdeling uit een officiële instelling verdwijnt en niet eens als vermist wordt opgegeven, zoals dat dit weekend in Brussel gebeurde met Brahim, is in Europa helaas geen uitzonderlijk vooral.

In januari 2016 berichte Europol dat, naar schatting, zo’n 10 000 niet-begeleide minderjarige vreemdelingen verdwenen waren. Naar schatting, want exacte cijfers zijn door gebrekkige registratie van die verdwijningen niet voorhanden. Toch geven de sporadische en gefragmenteerde data aan dat die die 10 000 wellicht slechts het tipje van de ijsberg zijn. In Duitsland was er in augustus 2016 sprake van 8991 verdwijningen; 867 daarvan betroffen kinderen van 13 jaar of jonger. In Italië schatte Oxfam in september 2016 dat gemiddeld 28 kinderen per dag verdwijnen.

Niet-begeleide minderjarige vreemdelingen zijn, wanneer het op verwijningen aankomt, wellicht één van de meest kwetsbare groepen kinderen. Toch blijkt uit een studie van de Europese Commissie uit 2013 dat slechts 4 landen in de Europese Unie procedures of richtlijnen hebben om deze verdwijningen doeltreffend aan te pakken. Een studie van Missing Children Europe uit 2015 gaf verder aan dat er in de meeste landen weinig duidelijkheid bestaat over hoe, wanneer, en door wie, de verdwijning van een niet-begeleid minderjarig kind moet worden gemeld. En zelfs wanneer dit correct gebeurt, is de opvolging vaak bedroevend. Of zoals een voogd uit Spanje het stelde: de verdwijning van zo’n kind wordt doorgaans gezien als één te voeden mond minder…

Dat de verdwijning van deze kinderen niet systematisch wordt gemeld, blijkt ook uit de data van het Europese noodnummer voor vermiste kinderen. Het noodnummer, 116 000, is in 31 landen operationeel en wordt bij ons door Child Focus bemand. Vorig jaar maakte het aandeel migrerende kinderen –waarvan de meesten niet-begeleide minderjarigen waren– Europees slechts 7% van hun totale caseload uit; symptomatisch voor de gebrekkige melding. De gemelde verdwijningen betroffen kinderen van 0 tot 17 jaar, waarbij ook jonge moeders met hun pasgeboren baby’s. De piek lag in 2016 op een leeftijd van 13 jaar; een verjonging tegenover 2015, toen de piek nog op 15 jaar lag. Brahim, 9, verdwenen en niet gemeld, vormt in Europa dus helaas geen uitzondering.

Dat Brahim veilig werd teruggevonden, is dan weer wel uitzonderlijk. In 2016 was dit voor slechts 31% van de migrerende kinderen die in de verschillende Europese landen bij het noodnummer als vermist werden opgegeven, het geval. Van wat er met deze kinderen gebeurd is weinig of niets geweten. Velen vinden hopelijk de weg naar een betere toekomst. Ontmoedigd door de ingewikkelde en trage procedures voor familievereniging kiezen ze er vaak voor hun lot in eigen handen te nemen. Doorgaans duurt zo’n familiehereniging in Europa om en bij het jaar. Dat is voor een kind van 13 niet houdbaar. Ook de zogenaamde Dublin-procedures vormen een probleem. Toen die Dublin transfers, nota bene na een uitspraak van het Europese Hof voor de Rechten van de mens in de zaak van M.S.S. tegen België, tijdelijk in heel de Europese Unie werden opgeheven, stelde men in Zweden een merkelijke vermindering van het aantal verdwijningen vast.

Trage, ingewikkelde en weinig kindvriendelijke procedures zorgen bij niet-begeleide minderjarige vreemdelingen, die ten gevolge van de situatie in hun thuisland vaak al argwanend tegenover de autoriteiten staan, voor heel wat onrust. Wanneer iemand dan een andere “oplossing” aanbiedt –vaak in bijzonder onveilige omstandigheden en tegen een erg hoge prijs–  is het kind weg. Op zoek naar een toekomst of naar familie, ergens in Europa. Voor sommigen lukt dat. Voor vele anderen niet. Volgens een rapport dat Europol in mei 2016 publiceerde worden niet-begeleide minderjarige vreemdelingen steeds vaker slachtoffer van mensenhandel. Waar vroeger een duidelijke scheiding bestond tussen mensensmokkel en mensenhandel is dat onderscheid in de huidige context vervaagd. Kinderen die tegen welke prijs dan ook naar een ander land willen, liggen –in sommige landen letterlijk– voor het rapen. Heel wat kinderen die in België toekomen werden onderweg dan ook misbruikt, en hebben alleen daarom al extra steun en omkadering nodig.

Dat Brahim gelukkig wél werd teruggevonden heeft er ongetwijfeld mee te maken dat België over uitzonderlijk goede structuren voor het bestrijden van kindverdwijningen beschikt. Child Focus blijft, 20 jaar na haar oprichting, model staan voor vele gelijkaardige initiatieven in Europa, alsook de Cel Vermiste Personen van de Federale Politie. Alleen blijft het, ondanks het herhaaldelijk aandringen van Child Focus, moeilijk om alle kinderen die verdwijnen –en dus niet alleen diegene met de Belgische nationaliteit– dezelfde steun te bieden.

Uiteraard staat of valt de omkadering van niet-begeleide minderjarigen niet enkel met het melden of oplossen van verdwijningen. Wel is de verdwijning van deze kinderen is in vele gevallen een teken aan de wand. Zolang procedures voor familievereniging onaanvaardbaar lang blijven duren, zolang de Dublin-procedures niet systematisch het individuele belang van het kind vooropzettenen, zolang deze kwetsbare kinderen niet op aangepaste wijze geïnformeerd worden over hun rechten en zolang ze niet opgevangen worden in kindvriendelijke en aangepaste omstandigheden, zullen ze blijven verdwijnen.

In april 2017 stelde de Europese Commissie een lijst van 37 maatregelen voor om migrerende kinderen beter te beschermen. Een stap in de goede richting. Veel zal nu afhangen van of en hoe lidstaten dit ook in de praktijk omzetten. Wat de verdwijning van die kinderen betreft heeft België geen excuus. Met een professioneel centrum voor vermiste kinderen dat dag en nacht paraat staat en een geoliede samenwerking met politie en justitie, zou België hier het voortouw moeten nemen.

This opinion piece was published in De Standaard newspaper on June 27th 2017.

Total: 0 Comment(s)